Slachtofferverklaring Raymond-Pierre

|

Op donderdag 21 februari sprak Rose Sévèke in de rechtbank haar verklaring uit in de rechtszaal. Omdat maar één nabestaande mag spreken heeft Raymond-Pierre schriftelijk een verklaring aan het dossier laten toevoegen. Ook voor deze slachtofferverklaring geldt dat er alleen ingegaan mag worden op het persoonlijk ervaren leed of schade en niet op de inhoud van de rechtzaak. Dat komt dan ook niet aan de orde in de verklaring.

------------------

Geacht college,

als het slachtoffer niet spreken kan, kan 'n nabestaande spreken. Jean-Louis Bernard Sévèke, Louis, kan niet meer spreken, althans niet in die zin dat hij zelf nog wat zeggen kan. Mijn zus , Rose Sévèke, maakt gebruik van het recht in dat geval te spreken, als zus van Louis.

Bij deze verzoek ik u mijn slachtoffer verklaring te voegen in het dossier en ter kennisgeving aan te nemen.

soms gaan er dagen voorbij zonder dat ie er is
dan ineens is ie er
door ’n geluid, ’n fragment film of in ’n tv-serie
soms ’n geur of puur en alleen ’n gedachte

’t wrange is dat we nou net de afgelopen jaren,
zeker na de ziekte en dood van Mad, onze moeder
op dit soort punten elkaar belden,
kort meestal maar hij was de enige aan wie ik dat kwijt kon
naast m’n zus maar toch ging me dat beter af bij hem.

nu kan ik ’t niet kwijt bij Louis, nooit meer
en Rose, die zit met hetzelfde
andere familieleden staan - in mijn beleving, niet noodzakelijker wijs ook hun beleving - te ver van me af
vrienden heb ik genoeg, vriendinnen ook
lieve en toegankelijke collega’s ook
maar ik ben niet gewend hen hiermee lastig te vallen
wel Louis

vóór Louis was daar Mad de aangewezen persoon voor
reden ook waarom, iedere keer als iemand zegt:
“gelukkig hebben jullie ouders dit niet mee hoeven maken”
ik denk, vaak ook zeg dat ik dat in ’t geval van Mad betwijfel
zij had er willen zijn, voor Rose en voor mij
ook dat is ons afgenomen

over Louis is veel gezegd en ’t dekt de lading nooit
niet alleen lief èn ’n pestkop
intelligent en enorm zelftwijfelend
’n pacifist in hart&nieren en ’n confrontatiezoeker
maar bovenal mijn broer op wie trots ben en die ik liefheb

dat laatste kan niemand mij of hem afnemen
dat maakt moord ook zo vreselijk stompzinnig
je doel bereik je er nooit mee
de dingen die volgens jou gebeurd zijn wis je er niet mee uit
de liefde voor ’n persoon en de waarde van z’n ideeën evenmin
wat je er wel mee veroorzaakt is ellende
voor jezelf en je omgeving
voor degene die je vermoordt
voor diens omgeving en vaak in ’n nog bredere kring.

bovenal is ’t laf
degene die je vermoordt krijgt nimmer de kans iets te zeggen
ertegen in te brengen
evenmin als zijn omgeving
want een moordenaar heeft daar geen oren naar

net als Louis ben ik ’n voorstander en voorvechter van de rechtsstaat
dat is voor mij niet anders nu ’t de moordenaar van mijn broer betreft
dat zou overigens omgekeerd evenredig voor Louis gelden, als Rose of ik vermoord zouden zijn,
in mijn beleving heeft iedereen in dit onderzoek zich gericht op, naast opsporing van de verdachte,
het instandhouden, in ieder geval bevorderen van de rechtsstaat
dat stemt me tevreden, geeft me hoop voor onze toekomst
en nee, de geestestoestand van de verdachte maakt ’t niet erger of minder erg voor mij
maar al dit staat er niet aan in de weg
dat ’n deel van mij de moordenaar van mijn broer aan stukken zou willen rijten
niet uit woede of om het gemis
eigenlijk om niets anders dan…ik zou ’t niet weten, ik ben koud als ik dat idee heb
dat kan ik de moordenaar niet verwijten, ’t is immers mijn gevoel

terwijl ik dit type zit ik schokkend te huilen
eindelijk weer eens ’n keer
en dat zal nog heel lang zo zijn
voor mij
voor Rose, alsook Caroline,
voor Frank,
voor Suus,
voor Hilde
voor Jo
voor Ties
voor Donné
oom Bon en tante Ann
Ed, Soep, Mark, Nanneke, Erik, Willem, Rick, ’n saluerende motoragent, Ans, oom Raymond&tante Annemaria…de lijst is in mijn beleving eindeloos.

voorop gesteld dat ik besef dat hij slechts verdachte is
mocht Marcel ooit ’t vermogen krijgen in te zien wat er is gebeurd door zijn toedoen,
dan hoort hij, uiteindelijk, ook in dit rijtje thuis. Voor hem hoop ik dat dat ooit gebeurt.

Raymond-Pierre Sévèke
Amsterdam, 19 februari 2008